|

De staart

Katten
hebben een subtiele taal . Niets gaat met grote gebaren en veel poeha. Alle
gebaren zijn voorzichtig, beheerst en fijnzinnig. Een hond laat duidelijk zien
hoe zijn pet staat, met veel gekwispel, geblaf en gespring. Maar om een kat te
begrijpen, moet je je best doen.
De kattentaal omvat meer dan duizend klanken. Veel geluiden kunt u ook zonder
oefenen meteen begrijpen. Naast geluiden maakt de kat ook nog gebruik van
lichaamstaal. Aan de kleinste verandering in de wijdte van de pupillen, het
subtiele orenspel en de kleinste beweging van de staart kunnen katten bij elkaar
al zien wat er aan de hand is.
Hoe een kat zich voelt, wat een kat aan het doen is, is vaak af te lezen aan
zijn houding en bewegingstempo. Het meest opvallende signaal is de staart.
| De
staart... |
 |
hangt in een boog naar beneden, met een weer opgericht puntje:
De kat is ontspannen en tevreden. |
 |
is licht omhoog gericht en gebogen:
De kat raakt geïnteresseerd in iets. |
 |
staat in een grote boog omhoog:
De kat is nieuwsgierig en alert. |
 |
staat recht omhoog, met het puntje gebogen:
De kat is erg geïnteresseerd en geeft een vrolijke begroeting, maar voelt
zich toch ietjes onzeker. |
 |
staat recht omhoog, met het puntje recht opgericht:
De kat geeft een tevreden, vrolijke begroeting.
Het kan echter ook betekenen dat de kat boos is. |
 |
staat helemaal omhoog of met het puntje iets gebogen en trilt:
De kat is vrolijke en opgewonden en toont zijn genegenheid. |
 |
beweegt af en toe het puntje:
De kat is in gedachten of licht geïrriteerd. |
 |
beweegt het puntje sneller:
De kat is geergerd. |
 |
beweegt hevig heen en weer:
De kat is boos. |
 |
beweegt hevig heen en weer:
De kat is boos wees dus gewaarschuwd. |
 |
staat recht omhoog, met de haren overeind:
De kat toont agressie. |
 |
staat in een boog omhoog, met alle haren overeind:
De kat staat in de verdedigende houding, aanval is niet uitgesloten. |
 |
hangt naar beneden, met alle haren overeind:
De kat is bang of ergens van geschrokken. |
 |
steekt omhoog, met de haren overeind (dikke staart):
De kat is waarschijnelijk gelukkig aan het rond rennen en spelen. |
 |
steekt
naar beneden, misschien zelfs tussen de achterpoten:
De kat toont dat hij verslagen is of onderwerping (ten opzichte van een
andere kat). |
 |
wordt opzij gehouden:
De kat is verlegen of de poes is krols. |
 |
wordt
opzij gehouden en het lichaam wordt van achteren omhoog geduwd.
De krolse poes is bereid om gedekt te worden. |
|
|
Bij het beoordelen van wat de kat zegt, moet niet alleen naar de staart
gekeken worden, maar ook rekening gehouden worden met de omgeving van de
kat en wat er met de kat op dat moment gebeurd. |